De Dolfijn (O Bôto)

Lyrics: Antonio Carlos Jobim/Famke Damsté Music: Antonio Carlos Jobim op stranden vol zandherinneringen op stranden aan blauwfluwelen zee daar trouwen dolfijnen zeemeerminnen ze nemen ze naar rivieren mee
je vindt ze pas als ze zijn gestorven hun zielen keren ’t liefste terug hoor, de krabben bepraten ’t met roggen ik reisde ze na, dwars door de lucht ik kwam gist’ren terug, ja, terug uit die baai ik kwam gist’ren terug, ja, terug uit die baai en ik wil daar gauw weer een keertje naar toe gist’ren terug, ja, terug uit die baai gist’ren terug, ja, terug uit die baai en ik wil daar gauw weer een keertje naar toe het eiland verlaten, zon verdwenen daar hoog op de heuvel zicht op zee papegaaien die kakelen met meeuwen wie weet vlieg ik ooit weer met ze mee m’n liefste, m’n liefste word wakker, word wakker m’n liefste, m’n liefste, kom mee hoor, de vogels zingen in de bossen de oudsten slaan langzaam op de vlucht kikkers gaan feesten in de modder violen slaken een diepe zucht
ik kwam gist’ren terug, ja, terug uit die baai ik kwam gist’ren terug, ja, terug uit die baai en ik wil daar gauw weer een keertje naar toe gist’ren terug, ja, terug uit die baai gist’ren terug, ja, terug uit die baai en ik wil daar gauw weer een keertje naar toe kijk, daar zweven als koningen de gieren ze zijn heer en meester van de jacht daarom heeft de arend niets te vieren vliegt steeds om de maan heen in de nacht ik kwam gist’ren terug, ja, terug uit die baai ik kwam gist’ren terug, ja, terug uit die baai en ik wil daar gauw weer een keertje naar toe gist’ren terug, ja, terug uit die baai gist’ren terug, ja, terug uit die baai en ik wil daar gauw weer een keertje naar toe in die donkere baai wil ik wel dromen dobb’rend als bootje op de zee ‘t water weerspiegelt wat gaat komen ‘t bootje vliegt met mijn dromen mee